De kern van de methodologie van OpenEmbassy is dat we de ervaring van nieuwkomers centraal stellen in ons onderzoek. Dit geldt zowel voor ons onderzoeksdoel – leren van de ervaring van nieuwkomers om tot evidence-based integratiebeleid te komen – als voor ons team. We streven ernaar om in elk project onderzoekers met migratie-ervaring te betrekken, in uiteenlopende rollen: van het werven van deelnemers en begeleiden van expertgroepen tot de data-analyse. De inbreng van nieuwkomers binnen ons team draagt in hoge mate bij aan de kwaliteit van ons onderzoek.
Door: Ani Popova
Vertrouwen opbouwen en barrières overwinnen binnen onderzoek
Onderzoekers die werken met deelnemers uit gemarginaliseerde gemeenschappen, zoals veel nieuwkomers, werken vaak met mensen die het slechtste van een systeem hebben ervaren, bijvoorbeeld in het land van herkomst. Standpunttheorie leert ons dat sociale en politieke ervaringen onvermijdelijk de perspectieven van individuen vormen (Harding, 2018). Een aspect van gemarginaliseerd zijn is dat je perspectief systematisch niet wordt gehoord of meegenomen in besluitvorming.
Als het laten klinken van je stem regelmatig wordt afgewezen of zelfs bestraft, ontstaat er een zelfverdedigingsmechanisme om je niet te laten overvallen door toekomstige gevolgen en die juist te vermijden. Je kunt dan iedereen wantrouwen die beweert naar je te willen luisteren. Hoe meer spanningen je met een systeem en zijn vertegenwoordigers hebt gehad, hoe defensiever en voorzichtiger je wordt in wat je deelt, vooral tegenover mensen die je als vertegenwoordigers van dat systeem ziet (Foucault, 2019).
Sensitief werken met gemarginaliseerde gemeenschappen
Het is belangrijk om je hiervan bewust te zijn om de gevoeligheid te begrijpen die gepaard gaat met werken met gemarginaliseerde gemeenschappen. Binnen het werk van OpenEmbassy zien we dit regelmatig wanneer we onderzoek doen met gemeenschappen van nieuwkomers in de Nederlandse samenleving. We hebben meerdere methoden ontwikkeld, zoals: actieonderzoek met nieuwkomers, verschilsensitieve enquêtes, en expertpools. Dit zijn groepssessies waarin deelnemers worden gepositioneerd als experts op het gebied van hun eigen ervaringen, uitdagingen en behoeften.
Bij alle benaderingen zien we hoe belangrijk het is om deelnemers zich veilig te laten voelen zodat ze hun ervaringen kunnen delen. Ons werk toont regelmatig aan dat het betrekken van onderzoekers met ervaringskennis bij het onderzoeksproces helpt om machtsverschillen tussen ons team en de deelnemers te verkleinen. Dit helpt ook bij het opbouwen van een samenwerkingsrelatie met deelnemers, omdat het voor hen duidelijker wordt dat ons doel is om hun stemmen te versterken en samen te werken.
'‘Bij alle benaderingen zien we hoe belangrijk het is om deelnemers zich veilig te laten voelen zodat ze hun ervaringen kunnen delen.''
Ervaringskennis bij werving moedigt deelnemers aan om mee te doen
Het eerste contact met deelnemers is cruciaal. Bij het werven van mogelijke deelnemers voor verschillende onderzoeksprojecten is het belangrijkste doel om hen te laten zien dat het project een plek is waar ze zich veilig en gehoord zullen voelen en waar hun stem oprecht wordt gewaardeerd.
Het is veel makkelijker voor mensen om dit te geloven als ze worden benaderd door iemand die enkele van hun ervaringen deelt. Deze gelijkenissen hoeven niet altijd hetzelfde land van herkomst of dezelfde cultuur te omvatten. Soms is het al voldoende om iemand te ontmoeten die, net als zijzelf, Nederlands spreekt met een accent als tweede (of derde of vierde) taal. Of net als zij een jonge moeder is die werkt.
Ervaringskennis bij begeleiden bouwt vertrouwen op
Tijdens het onderzoek zelf heeft de ervaringskennis van een begeleider nog meer waarde. Vooral bij het begeleiden van expertpools (of elke andere groepsgerichte onderzoeksaanpak). De begeleider kan makkelijker een band met de deelnemers opbouwen en barrières doorbreken die vertrouwen in de weg staan. Het is makkelijker om verbinding te maken en compassie te tonen wanneer je kunt leunen op je eigen ervaringskennis, en het is ook veel makkelijker voor de deelnemers om te accepteren dat de compassie die ze ontvangen oprecht is. Via ervaringskennis kunnen begeleiders ook makkelijker aanvoelen welke problemen deelnemers mogelijk hebben en ter plekke oplossingen bedenken.
Voordelen vergelijkbare positionaliteit
Onderzoekers hebben significante voordelen geïdentificeerd van het hebben van een vergelijkbare positionaliteit als de onderzoeksdeelnemers. Ten eerste zijn deelnemers meer bereid om hun ervaringen te delen met onderzoekers die zij als sympathiek ervaren ten opzichte van hun situatie, wat onderzoekers makkelijker toegang tot het veld geeft (De Tona, 2006).
Ten tweede wordt de aard van de relatie tussen onderzoeker en deelnemer altijd beïnvloed door de sociaal-economische identiteiten van beide partijen, wat invloed heeft op de informatie die deelnemers willen delen. Mensen voelen zich vaak comfortabeler om kwetsbare ervaringen die met hun sociaal-economische identiteit te maken hebben te delen met onderzoekers die dezelfde identiteit hebben – bijvoorbeeld een vrouw met een andere vrouw of een immigrant met een andere immigrant (Kacen en Chaitin, 2006; Berger, 2015).
‘’Onderzoekers met ervaringskennis hebben een voorsprong in het kennen van het onderwerp en het begrijpen van genuanceerde reacties van deelnemers.’’
Daarnaast hebben onderzoekers met ervaringskennis “een voorsprong in het kennen van het onderwerp en het begrijpen van genuanceerde reacties van deelnemers” (Berger, 2015, p. 223). Dit zorgt voor een ‘culturele intuïtie’ over het onderzoek, wat onderzoekers helpt onderwerpen makkelijker aan te kaarten (of zelfs in te zien dat ze dit moeten doen).
Het stelt onderzoekers ook in staat om geïmpliceerde inhoud en belangrijke gevoeligheden beter te herkennen – een cruciale hulpbron om te weten wat te vragen en hoe te vragen, en om antwoorden op een genuanceerde manier te begrijpen (Berger, 2015).
Beperkingen van empirisch onderzoek
Met de historische ontwikkeling van kwalitatieve methoden en sociale wetenschappen is een duidelijk besef ontstaan dat er geen enkele manier is om de wereld te begrijpen. En dat er geen ultieme waarheid is die via empirische meting ontdekt kan worden (Denzin & Lincoln, 2008). Sociale werkelijkheid is sociaal geconstrueerd en alle data wordt altijd geproduceerd binnen een specifieke context.
Het wordt gevormd door de perspectieven en interpretaties van deelnemers, maar ook die van de onderzoeker. Iedere persoon heeft zijn eigen vooroordelen en subjectieve perspectieven, en alle kennis wordt geconstrueerd binnen de context van de mensen die het construeren.
Een divers team levert betere data-analyse
Bij OpenEmbassy streven we ernaar om data en kennis zo objectief mogelijk voorop te stellen in beleidsvorming. Onze benadering van dataverzameling is gericht op het vastleggen van de ervaringen van nieuwkomers op een manier die feitelijk en eerlijk is. We willen beleidsmakers de inzichten geven die nodig zijn om effectief beleid te ontwikkelen, gebaseerd op de realiteit van degenen die ermee te maken krijgen.
We erkennen echter dat volledige objectiviteit in sociaal onderzoek moeilijk, zo niet onmogelijk, te bereiken is. Data-analyse en interpretatie worden altijd beïnvloed door de context van het onderzoek en door de achtergrond en inzichten van de onderzoekers. Methodologisch zorgvuldige keuzes, kritische zelfreflectie en een divers team dat blinde vlekken helpt minimaliseren zijn ingrediënten om hier bewust en zorgvuldig mee om te gaan.
Persoonlijke reflexiviteit
Een belangrijk onderdeel van onderzoek doen is reflexiviteit: erkennen waar je eigen vooroordelen als persoon liggen, zodat je ze kunt scheiden van het onderzoek. Het is vooral belangrijk om te erkennen dat hoe meer een persoon past binnen een dominante visie, hoe makkelijker het is om hun eigen vooroordelen te missen. Dit gebeurt omdat er minder conflict is met de buitenwereld en minder uitdaging voor hun eigen manier van denken en vooringenomen ideeën en aannames over de wereld (Harding, 2018).
Simpel gezegd; hoe meer iemand tot een meerderheidsgroep behoort (bijvoorbeeld een in Nederland geboren persoon die in Nederland woont), hoe makkelijker het is om hun eigen vooroordelen te missen. Daarom is het cruciaal om in diverse teams te werken, vooral met mensen die vergelijkbare ervaringen hebben als de onderzoeksdeelnemers. Diversiteit in perspectieven is een van de beste manieren om elkaars vooroordelen te controleren en op te lossen.
Persoonlijke reflexiviteit is een van de maatstaven voor het waarborgen van de kwaliteit van elk onderzoeksproject. Wanneer dit gebeurt binnen een team, waar teamleden elkaar kunnen ondersteunen, wordt het versterkt door anderen die onze individuele blinde vlekken belichten (Russel & Kelly, 2002; Horsburgh, 2003).
Een uitnodiging tot een inclusieve manier van onderzoeken
Onze werkwijze bij OpenEmbassy laat zien dat onderzoek niet alleen gaat om het verzamelen van data, maar om het echt begrijpen en vastleggen van menselijke ervaringen. Door te werken met onderzoekers die ervaringsdeskundigheid meebrengen, bieden we inzichten die beleidsmakers helpen om met een heldere blik beslissingen te nemen. Het stelt ons in staat om een rijkdom aan perspectieven vast te leggen die beleidsvorming ten goede komt. We nodigen iedereen uit om deze manier van onderzoek te omarmen en zo bij te dragen aan een wereld waarin beleid écht is afgestemd op de ervaringen van degenen die het raakt.
Literatuurlijst
- Berger, R. (2015). Now I see it, now I don’t: Researcher’s position and reflexivity in qualitative research. Qualitative research, 15(2), 219-234.
- Denzin, N. K., & Lincoln, Y. S. (2008). Introduction: The discipline and practice of qualitative research.
- De Tona, C. (2006). But what is interesting is the story of why and how migration happened. In Forum Qualitative Sozialforschung/Forum: Qualitative Social Research, 7(3).
- Foucault, M. (2019). Power: the essential works of Michel Foucault 1954-1984. Penguin UK.
- Harding, N. (2018). Feminist methodologies. The SAGE handbook of qualitative business and management research. London: Sage, 138-152.
- Horsburgh, D. (2003). Evaluation of qualitative research. Journal of Clinical Nursing (Wiley-Blackwell), 12(2).
- Kacen, L., & Chaitin, J. (2006). ’The times they are a changing’: Undertaking qualitative research in ambiguous, conflictual, and changing contexts. The Qualitative Report, 11(2), 209-228.
- Russell, G. M., & Kelly, N. H. (2002). Research as interacting dialogic processes: Implications for reflexivity. In Forum qualitative sozialforschung/forum: Qualitative social research 3(3).